Troost als bedding voor verdriet: “Hier zijn wij goed in, als kerk” Troost als bedding voor verdriet: “Hier zijn wij goed in, als kerk”

 

Welke rol speelt geloof in de aanvaarding van het naderende einde?

“Lang heerste in de kerk de opvatting dat wat God doet, welgedaan is, en dat wat er gebeurt gelijk is aan wat God wil. In mijn eerste gemeente in Dronten bezocht ik ernstig zieke mensen in het ziekenhuis. Zij zeiden: ‘Dominee, het is geen vreemde die het je aandoet.’ Theologisch kon ik daar geen kant mee op, maar duidelijk was dat het mensen troostte. Aan de andere kant ontmoette ik mensen die troost vonden in de gedachte dat God dit leed niet wil.”

Hoe ga je daar als predikant mee om?

“Ik leerde: je kunt alleen verder met groot leed in je leven als je er betekenis aan kunt geven. Voor de een is dat: het komt ons toe uit de hand van God. Voor een ander is het: God vindt dit net zo erg als ik. Tot en met: dit is volstrekt zinloos en het slaat nergens op. 

Predikanten kunnen goed luisteren, zij vinden daar hun weg in met respect voor hoe de betrokkene ertegenover staat. Ze kunnen mensen bijstaan en troost bieden.”

Wat is troost?

“Troost kan helpen als je in de rouw bent. In het ziekenhuis vroeg een verpleegkundige mij om bij een meneer langs te gaan die net de longarts op bezoek had gehad, met slecht nieuws. Ik stelde mij voor, de man keek mij aan en zei: ‘Kunt u echt iets voor mij doen of komt u alleen maar troosten?’ Het zit in ons taalgebruik: niemand wil een troostprijs, schrale troost.

De Vlaamse psychiater Manu Keirse leerde mij: troost is niet het opwerpen van een dam tegen het verdriet. Het is het samen aanleggen van een bedding waardoor het verdriet verder kan stromen. 


Mensen die bezoekwerk doen, willen graag iets achterlaten waar degene die rouwt iets aan heeft. Laat die verwachting los. Ga zitten, stel een vraag en wacht af. Als het meezit, zorgt het gesprek, of alleen al je aanwezigheid, voor een bedding waardoor het verdriet, dat als een knoop in het binnenste zit, verder kan stromen. Soms letterlijk, als mensen voor het eerst hun tranen laten gaan.”

Welke rol speelt de uitvaart in het proces van rouwen?

“Een goed voorbereide en uitgevoerde uitvaart helpt bij wat erna komt. Verleden en toekomst staan er naast elkaar. Volledig recht doen aan de overledene kan helpen bij het loslaten van wat was en verder gaan, hoe aarzelend ook. Herkenning brengt je bij je verdriet en omdat het erkend wordt, kun je er verder mee.”

Wat kan de gemeente doen? 

“Laat zien dat je als kerk van dienst wilt zijn”

 

“Hier klopt het hart van de kerk, hier zijn wij goed in. Investeer er als kerk in. Laat zien dat je van dienst wilt zijn, voor wie dan ook in je dorp of stad. De kerk heeft, naast de uitvaart, zoveel te bieden. Zo kun je eraan bijdragen dat mensen samen alvast een stukje van de lange weg van rouw gaan. Door te praten over de dood, over de uitvaart zelf. 

De kerk kent de afkondiging van een overlijden, de laatste zondag van het kerkelijk jaar. Veel kerken maken een ruimte waar overledenen in ere worden gehouden. Bezoekwerk is belangrijk, en het samenbrengen van lotgenoten, begeleid door iemand met verstand van zaken. En ons doorgaand gebed. Wij hoeven niet te bidden voor de overledenen, daar zorgt God voor. Wel kunnen we in onze voorbeden danken voor het leven van de overledene, en bidden voor de nabestaanden en iedereen die met de dood geconfronteerd wordt.”

Gedenken van overledenen: nodig ook uw dorps- of wijkbewoners uit

Gedenken van overledenen: nodig ook uw dorps- of wijkbewoners uit

Wat kun je zelf doen?

“Aanvaarding helpt om afscheid te kunnen nemen”

 

“Het begint door onder ogen te zien dat het is zoals het is, en het toelaten van de pijn en het verdriet die dat met zich meebrengt. Een oudere man vertelde dat hij besloten had alleen thuis te zijn in de nacht na de uitvaart van zijn vrouw. Hij sliep slecht, en de volgende ochtend zette hij twee kopjes op het aanrecht. Tot hij zich met een schok realiseerde dat dat niet meer hoefde. Dat hij verder moest, anders dan voorheen.

Onze samenleving heeft nauwelijks plaats en tijd voor rouw, en beschouwt dood als iets dat afgeschaft moet worden. Na drie maanden wordt al gevraagd: heb je het een beetje verwerkt? Waarschijnlijk komt dat door machteloosheid, verlegenheid; wat moet ik zeggen? Daaronder zit een diepe angst dat het jezelf overkomt. 

We hebben huiswerk te doen: zie onder ogen dat leven en dood één zijn. Ik hoop dat ik nog lang leef, maar dit kan ook mijn laatste dag zijn.

17 november 2019 a.s. gedachtenisdienst Petrakerk Heinenoord

terug